De kracht van zij-instroom in het schoolleiderschap

Soms komt een carrièrewending niet voort uit onvrede, maar uit verlangen. Zo verging het schoolleider Hilde van der Geest, die de overstap maakte van het sociaal domein naar het onderwijs. In haar vorige rol had zij invloed op het welzijn van de stad, maar miste het directe contact met mensen. “Er zijn maar een paar plekken waar mensen zich echt open durven stellen, de sector welzijn is daar één van en scholen zeker ook. Ik wilde weer met mijn voeten in de klei staan.” 

Een bewuste oriëntatie op het onderwijs 

De overstap kwam niet uit de lucht vallen. Ze zocht actief contact met schoolbesturen, ondanks dat er op dat moment (in 2022) nog geen subsidies beschikbaar waren voor zij-instromende schoolleiders. Toch wist zij een aanstelling te realiseren: als adjunct-directeur, vier dagen per week, naast één dag opleiding via Penta Nova. “Ik kon starten in de luwte van een ervaren directeur. Dat gaf mij de ruimte om te leren, terwijl ik meedraaide in de praktijk. Sommige studiegenoten moesten het doen met een stageplek zonder vergoeding.” 

Misvattingen over het onderwijs 

“Eerlijk is eerlijk: ik dacht vroeger dat werken in het onderwijs misschien wat relaxter zou zijn vanwege de vakanties. Maar nu weet ik: die vakanties zijn keihard nodig. Het is intens werk. Je weet pas écht wat het betekent, als je het doet.” 

Wat haar vooral verraste, was de cultuur in het onderwijs: “In het sociaal domein is alles veel rationeler. In het onderwijs werken mensen met hart en ziel. Ik zag collega’s écht oprecht boos worden als iets niet goed ging en dat kende ik nog niet. Die emotionele betrokkenheid was nieuw voor mij en kwam ook niet aan bod in de opleiding, terwijl meerdere zij-instromers daar tegenaan liepen.” 

Leren in de praktijk: kruisbestuiving met impact 

Haar traject werd versterkt door de kruisbestuiving tussen opleiding en werk. “Wat ik op vrijdag leerde, bracht ik maandag meteen in praktijk en andersom. Bovendien kon ik mijn netwerk en ervaring uit het sociaal domein goed inzetten. Ik kende de wegen binnen de gemeente, dat hielp enorm bij samenwerking en ouderbetrokkenheid.”  Wat haar hielp stevig te blijven staan zonder onderwijskundige achtergrond? “De juiste mensen om me heen verzamelen. Mijn adjunct is verantwoordelijk voor de onderwijskwaliteit, ik voor alles daaromheen. Samen vormen we een sterk team. Het is een misvatting dat alleen mensen met een onderwijsachtergrond goede schoolleiders kunnen zijn. Een goede leerkracht is nog geen goede schoolleider.” 

Geaccepteerd in de praktijk 

Haar entree als zij-instromer verliep soepel. “Ik stelde me voor als stagiair-directeur. Dat maakte het laagdrempelig. Later kreeg ik het aanbod om directeur te worden en dat ging vanzelf. Natuurlijk zijn er momenten waarop het gesprek over onderwijsinhoud gaat en waarmee ik wat minder ervaring heb, maar met de juiste vragen kom je ver. En voor de rest heb ik mijn adjunct –directeur en kwaliteitscoördinatoren.” 

Boodschap aan besturen 

“Iemand met een andere achtergrond kan écht toegevoegde waarde hebben. Denk aan samenwerking in de wijk, financiën, ouders, personeel, huisvesting. Het is veel breder dan alleen onderwijskwaliteit. Besturen kunnen het verschil maken door ruimte te bieden aan zij-instromers, duidelijke routes te creëren en hen goed te begeleiden.”

Werkervaringsplaatsen voor potentiële schoolleiders

Niet alleen voor Hilde zelf was dit traject een nieuwe stap, ook de organisatie moest keuzes maken. Binnen stichting De Haagse Scholen werd in 2021 gestart met werkervaringsplaatsen voor potentiële schoolleiders, vertelt de Anne-Marie van der Zanden, HR-adviseur: “We zagen dat het tekort aan leraren én schoolleiders steeds nijpender werd. Tegelijkertijd merkten we dat mensen met een afgeronde schoolleidersopleiding vaak niet de sprong naar een directiefunctie durfden te maken, terwijl anderen juist niet aan een opleiding konden beginnen omdat ze nog geen leidinggevende plek hadden. Met de werkervaringsplaatsen wilden we die impasse doorbreken.”

Daarom kreeg Hilde een jaarcontract als adjunct-directeur, gekoppeld aan een ervaren schoolleider. “Het is opgezet als een leer-werktraject. We letten daarbij op profielkenmerken als minimaal twee jaar leidinggevende ervaring, analytisch vermogen en een onderzoekende houding. Die eigenschappen zijn belangrijk om te kunnen doorgroeien naar zelfstandig schoolleiderschap.”

Toen de subsidieregeling voor zij-instromende schoolleiders beschikbaar kwam, maakte de stichting daar gebruik van. “In eerste instantie hebben we het traject zelf gefinancierd vanuit een bovenschoolse voorziening, omdat de urgentie groot was. De subsidie hielp bij de voortzetting, maar was niet doorslaggevend om ermee te starten.”

Belangrijk bleek ook de rol van de begeleidende directeuren en scholen: “Zij moeten de motivatie én ervaring hebben om een zij-instromer goed te begeleiden. Alleen dan levert het traject de praktijkervaring op die zo hard nodig is.”

Hoewel er in 2024–2025 geen nieuwe kandidaten zijn geplaatst door een tekort aan beschikbare begeleiders, blijft de stichting inzetten op dit instrument. “Werkervaringsplaatsen blijven onderdeel van ons strategisch HR-beleid. Het is een waardevolle route om nieuw leiderschap te ontwikkelen, zowel bij interne medewerkers als bij kandidaten van buiten het onderwijs. Zodra zich een vacature voordoet voor de functie van directeur op een van de scholen, zal per vacature worden beoordeeld of deze geschikt is voor een kandidaat die via een werkervaringsplaats onder begeleiding van een ervaren directeur het vak in de praktijk kan leren. In de wervingstekst zal er dan ook speciale aandacht worden besteed aan deze mogelijkheid.”

Fotocredits: Bart van Vliet

Scroll naar boven